Het verhaal

Kleine monnik krijgt van zijn vriend en leermeester oude monnik, de vraag om zijn levensmissie te volbrengen, oude monnik is hier zelf te ziek voor. De missie is om de maan weer helder te laten schijnen. Het schijnsel van de maan is zwak en oude monnik zou graag willen meemaken dat het licht weer helder schijnt.

Eenmaal onderweg ervaart kleine monnik successen maar ook tegenslagen. Elementen uit de natuur zoals; een rivier, de wolken, een gouden ginkgoboom, de rijstvelden maar ook dieren; een libelle, aap, jak en een pika.

Ze hebben allemaal één ding gemeen, ze geven hem levenslessen mee. Deze lessen zorgen ervoor dat kleine monnik anders leert kijken naar de uitdagingen die hij op zijn pad tegenkomt. Waardoor hij anders gaat denken, zich beter gaat voelen en het onderweg en omgaan met wat er nu is belangrijker ervaart, dan het uiteindelijke doel.

Het verhaal is de basis voor de gesprekskaarten, hier staan een deel van de levenslessen uit het verhaal op, die in een houten blokje gezet kunnen worden.

Zo kan de levensles als gespreksonderwerp gebruikt worden of gebruikt worden om er een gemoedstoestand duidelijk mee te maken zonder het (steeds) te vragen of te zeggen.

De kaart wordt niet gebruikt tegen de ander maar om op een vriendelijke manier ruimte te vragen voor jezelf.